Piskijker 2

Zoals ik de lezer in Piskijker1 kon aantonen dat de verplichting van de 1-keer-per-twee-uur-plassen-norm een flink verlies aan onderwijstijd zal veroorzaken, zal ik het vraagstuk ook van andere kanten benaderen. Dit maal deel twee.

De plasnorm en duurzaamheid

Het tweede vraagstuk waar ik op in wil gaan is of er een relatie bestaat tussen de 1-x-per-twee-uur-plassen-norm en het vraagstuk van duurzaamheid. Voor zover ik in de literatuur kan nagaan is naar deze relatie nog nooit eerder onderzoek gedaan en dat betekent dat ik met bepaalde aannames heb moeten werken.
We hebben gezien dat er in Nederland heel veel onderwijstijd verloren gaat, als nationaal de 1-x-plassen-per-twee-uur-norm wordt ingevoerd. Om het verlies in onderwijsopbrengst te compenseren kan er gekeken worden naar mogelijkheden een deel van dit verlies te compenseren met duurzame beleidsmaatregelen.

Allereerst, dat zal men begrijpen, leidt de effectuering van de plasnorm meteen ook tot een enorm verhogend waterverbruik in onze scholen. Kost 1 plasbeurt zo’n 3 liter schoon water voor het wegspoelen (in de veronderstelling dat de school reeds waterbesparende maatregelen heeft doorgevoerd), dan is het totale verbruik bij bovenstaande berekeningen al ruim 200 miljoen liter water. Het is goed te bedenken dat dit water vervolgens gezuiverd moet worden. Het lijkt evident dat de totale kosten dus erg hoog zijn.

Verbazingwekkend is echter dat er met de hoeveelheid urine niet nuttiger dingen worden gedaan dan wegspoelen. Urine komt in principe op lichaamstemperatuur in de blaas. Dat is een temperatuur van ongeveer 37 C. De blaascapaciteit van een kind van 8 jaar (gemiddelde leeftijd basisschoolkind) is 250 ml. Bij een totale hoeveelheid basisschoolleerlingen van 1.393.000 in 2014 levert dit dus een hoeveelheid urine op van 69.500.000 liter. Let wel, 69.500.000 liter urine op een temperatuur van 37 C. 69.500.000 liter urine verdwijnt nu rechtstreeks in het riool, samen met 208.500.000 liter spoelwater.

Het zou dus in het kader van duurzaam toiletgedrag aan te bevelen zijn de urine te gebruiken voor doeleinden als vloerverwarming dan wel de cv-installatie; het zal de hoeveelheid gas, die nodig is om schoolgebouwen te verwarmen aanmerkelijk kunnen verlagen. Daarnaast hoeft er aanmerkelijk minder water gezuiverd hoeft te worden, wat eveneens tot een behoorlijke kostenbesparing kan leiden. We kunnen concluderen dat de miljardensubsidie, die nu gebruikt wordt voor de bouw van windmolens-op-zee nu geheel geschrapt worden; de gelden zijn nuttiger besteed als onze scholen topvoorbeelden worden voor een duurzaam urine-beleid.

Dit bericht is geplaatst in Levenslessen, Onderwijs, Politiek. Bookmark de permalink.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *